Hoeveel dividend mag je uitkeren uit een bv met 100.000 euro eigen vermogen

Hoeveel dividend mag je uitkeren uit een bv met 100.000 euro eigen vermogen

Er staat 100.000 euro eigen vermogen op de balans van je bv en je wilt daar dividend uit halen. Logische vraag: hoeveel mag je uitkeren? Het antwoord is niet simpelweg 100.000 euro. De wet kent twee toetsen die je allebei moet doorstaan, en de tweede is de lastigste.

Toets 1: de balanstest

De balanstest is de eenvoudige van de twee. Je mag geen dividend uitkeren uit het deel van het eigen vermogen dat wettelijk of statutair vaststaat. Denk aan het gestort aandelenkapitaal en aan eventuele wettelijke reserves, bijvoorbeeld een herwaarderingsreserve of een reserve voor geactiveerde ontwikkelingskosten.

Stel dat van die 100.000 euro het geplaatste kapitaal 1 euro bedraagt en er geen wettelijke reserves zijn. Dan is de vrije uitkeerbare ruimte volgens de balanstest bijna de volledige 100.000 euro. Staat er wel een wettelijke reserve van 25.000 euro tegenover, dan blijft er 75.000 euro over.

Toets 2: de uitkeringstoets

Hier zit het echte werk. Het bestuur van de bv moet beoordelen of de vennootschap na de uitkering haar opeisbare schulden nog kan blijven betalen. In de praktijk wordt daarvoor een periode van twaalf maanden vooruit gekeken.

Concreet betekent dat: zet je verwachte inkomsten en uitgaven voor het komende jaar op een rij. Reken door welke btw-afdrachten, loonkosten, huur, aflossingen en investeringen eraan komen. Houd rekening met debiteuren die te laat betalen en met seizoensdips in de omzet.

Heeft die bv met 100.000 euro eigen vermogen bijvoorbeeld 40.000 euro aan liquide middelen en de rest in voorraad en debiteuren, dan is een dividenduitkering van 100.000 euro simpelweg onmogelijk. Je kunt niet uitkeren wat je niet hebt. Realistisch is dan misschien 20.000 tot 25.000 euro, afhankelijk van je verplichtingen voor de komende twaalf maanden.

De aansprakelijkheid die erbij hoort

Deze toets is geen formaliteit. Keert de bv dividend uit en gaat zij binnen een jaar failliet, dan kunnen bestuurders persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor het tekort dat door de uitkering is ontstaan. Ook de aandeelhouder die het dividend ontving, kan verplicht worden het bedrag terug te betalen als hij wist of had moeten weten dat er problemen aankwamen.

Leg de uitkeringstoets daarom schriftelijk vast. Een korte notitie met de liquiditeitsprognose, de conclusie en de handtekening van het bestuur is voldoende, en is precies het document dat je nodig hebt als er later vragen komen.

Vergeet de belasting niet

Over een dividenduitkering betaalt de aandeelhouder inkomstenbelasting in box 2. Dat kent twee schijven: een lager tarief over het eerste deel van het inkomen uit aanmerkelijk belang en een hoger tarief daarboven. De bv houdt bij de uitkering 15 procent dividendbelasting in en draagt die af; dat bedrag is een voorheffing die je verrekent met je aangifte.

Keer je met een fiscale partner uit, dan kun je het lage tarief vaak twee keer benutten door het inkomen te verdelen. Bij grotere bedragen kan het bovendien lonen om de uitkering over twee kalenderjaren te spreiden.

Kortom: de balans bepaalt het theoretische maximum, maar je kaspositie en je verplichtingen voor de komende twaalf maanden bepalen wat er werkelijk kan. Leg die afweging vast voordat je het bedrag overmaakt.